Bouwbedrijven ontvangen de meeste e-facturen, administratieve en zorgbedrijven zijn de belangrijkste verzenders
Uit gegevens van Wolters Kluwer Tax & Accounting blijkt dat bouworganisaties procentueel al de meeste e-facturen ontvangen in België, gevolgd door administratie- en industriebedrijven. In 2025 registreerde het softwarebedrijf al ruim 2,3 miljoen e-facturen in zijn accountancyplatform Clearfacts. Bouwbedrijven zijn de koploper met 11,39% e-aankoopfacturen. De bedrijven die al de meeste e-facturen versturen zijn administratieve dienstenleveranciers, zorgverleners en zakelijke dienstverleners, met opnieuw bouwbedrijven in de top-vijf. Vanaf 1 januari is e-facturatie verplicht voor bedrijven.
“Een op de twee btw-plichtige bedrijven is al gekoppeld met Peppol en dus technisch klaar om facturen te ontvangen, maar verzénden ze ook al e-facturen?”, vraagt Tom Vanhoorne, Director Product Management bij Wolters Kluwer. “Bij de verzenders blijkt de administratieve dienstensector de koploper te zijn, met 22,5% of bijna een kwart verstuurde e-facturen. De zorgsector volgt met 20%. Bedrijven zijn vrij snel gekoppeld met Peppol, maar moeten vaak hun eigen software aanpassen om effectief e-facturen te kunnen verzenden. Het is dus een risico om met de transitie te wachten tot januari.”
Een op de drie Belgische bedrijven doet een beroep op accountancysoftware van Wolters Kluwer, die daarmee marktleider is in ons land. Via zijn accountancyplatform Clearfacts delen Belgische bedrijven facturen en boekhouddocumenten met hun externe boekhouder. Elk kwartaal verwerkt Clearfacts ruim 12 miljoen boekhouddocumenten, waarvan 9 miljoen aankoopfacturen. Sinds het derde kwartaal is e-facturatie met twee procent is gegroeid tot 10,73% ontvangen e-aankoopfacturen op het platform.
Bouwbedrijven ontvangen meeste e-facturen
Nog volgens de gegevens van Clearfacts is ook in vijf andere sectoren ten minste tien procent van de ontvangen facturen al een e-factuur: administratie, industrie, ICT, financiële diensten en water- en afvalbedrijven. Informatie- en communicatiebedrijven en zorgverleners ontvangen met respectievelijk 6 en 7 procent het minst e-facturen.
Leveranciers van administratieve en zorgdiensten verzenden meeste e-facturen
Administratieve dienstverleners versturen de meeste e-facturen (22,5%), gevolgd door zorgverleners (20%) en zakelijke dienstenleveranciers (19,31%). Ook bij de verzenders staan bouwbedrijven in de top vijf (12,5%). Het grote aandeel e-facturen van zorgverleners is opmerkelijk, ook al presteren hun eigen leveranciers minder goed.
De adoptie van e-facturatie in de energiesector is momenteel bescheiden, met slechts 5% van de facturen in UBL-formaat in Clearfacts. “De meeste energieleveranciers zijn wel al e-invoicingklaar maar hanteren vaak een opt-in aanpak, wat de adoptie kan beïnvloeden. Na de verplichting op 1 januari verwachten we dat de curve in de energiebranche de snelste stijging zal kennen”, aldus Tom Vanhoorne.
Op sectorniveau verzenden horecabedrijven en openbare besturen het minst (4%) e-facturen. Die boekhoudstukken zijn in hoofdzaak btw-kastickets uit de horeca en onder meer kwartaalbijdragen van sociale secretariaten, retributies en heffingen van openbare besturen. Ongeveer 20% van de boekhouddocumenten in Clearfacts is géén factuur.
Qua volume voeren groothandels- en retailbedrijven de transitie naar e-facturatie aan. Ze verstuurden dit jaar al 642.000 e-facturen, goed voor 7,85% van alle facturen van bedrijven met deze NACE-BEL code. Administratieve dienstverleners volgen met 485.000 e-facturen (7,85%) en zakelijke dienstverleners met 341.000 (19,31%). Telecommunicatiebedrijven en financiële dienstverleners vervolledigen de top-vijf met respectievelijk 225.000 (11,9%) en 108.000 (7,81%) UBL-facturen.
Over het onderzoek
Op 30 november maakte Clearfacts een analyse van iets meer dan 30 miljoen ontvangen boekhouddocumenten die sinds 1 januari 2025 zijn opgeladen in de software. Alle documenten werden geanonimiseerd en ingedeeld volgens de NACE-BEL codes van de KBO. Ruim 183.000 bedrijven werken met de toepassing wat het staal representatief maakt.


